Het eigen mystieke hoekje (2)
Spirituele en missionaire gemeenteopbouw – daar gaat het gesprek over. Ik ben blij met de vragen van Theodoor (en ook met de reacties die inmiddels verschenen zijn van met name Ronald). Hoewel ik het uiteindelijk volkomen eens ben met de gedachte dat missionaire en spirituele gemeenteopbouw elkaar nodig hebben (en me heel goed kan vinden in Ronalds formulering dat het gaat om ’spirituele gemeenteopbouw met missionaire waarden’) wil ik toch eerst even een nadrukkelijke keuze voor spirituele gemeenteopbouw maken.
Het valt namelijk op dat er al snel waarschuwende geluiden klinken rond het begrip spiritualiteit. Theodoor is bang voor ‘het eigen mystieke hoekje’. ik zou op mijn beurt richting de missionaire gemeenteopbouw willen zeggen: pas op dat je niet koste wat kost relevant wilt zijn en dat het evangelie in de uitverkoop gaat. Ik beweer geenszins dat dat bij Theodoor gebeurt (!), maar het gaat me even om de openheid dat het naar beide kanten toe fout kan gaan.
Missionair bezig zijn is momenteel heel populair. Alle kerken zijn er zo’n beetje mee bezig, in Kampen (Broederweg, TU) is zelfs een aparte Master Missionaire Gemeente gestart. Maar het blijft noodzaak om ook daar vragen bij te stellen. Verdraagt het geheimeniskarakter van het evangelie wel die zo sterke behoefte om relevant te zijn en om op de marktplaats mee te tellen? Hoort bij het volgen van Jezus niet per definitie het lijden (niet vanwege ziekte enzovoort, maar puur vanwege Christus) en is een zeker Salonfähigkeit van het christelijk geloof vanuit die optiek niet op z’n minst merkwaardig?
Verder schrijft Theodoor:
Nog te vaak kom ik veel christenen tegen die hun geestelijke en kerkelijke leven absoluut niet weten te verbinden met hun leven op school, werk, tijdens sport etc. En dan gaat het om meer dan ‘bid je op je werk voor het eten of niet’.
Dat is herkenbaar. Maar ik kan het ook nog sterker vertellen: Nog te vaak kom ik christenen tegen die überhaupt geen geestelijk leven hebben en in de kerk eigenlijk alleen komen consumeren. Het is met name die realiteit die schreeuwt om spirituele gemeenteopbouw: dat we elkaar in de gemeenste structureel helpen om een relatie met Jezus te ontwikkelen en om een leerling van Jezus te zijn. Daarvoor is zeker de marktplaats nodig, maar die kan ook te vroeg in beeld komen. Even scherp gezegd: wie geen binnenkamer heeft, heeft op de marktplaats niets te bieden.
Daarom wil ik het nog even volhouden om vooral en primair te pleiten voor spirituele gemeenteopbouw. Het is dan wel van belang om spiritualiteit goed te omschrijven. Ik kies voor deze definitie: ‘leven in de Geest van Jezus’. Ik vermoed dat Theodoor met die omschrijving heel goed kan leven, omdat die ook zeer open is naar een missionaire presentie. Maar mij gaat het dus primair om de inoefening van deze spiritualiteit waarvoor Jezus ons naar de binnenkamer verwijst: dat is niet ‘het mystieke hoekje’ maar de plek waar de vader die in het verborgene is ons ontmoet.
Het eigen mystieke hoekje (1)
Vanaf komende zaterdag, als de Maand van de Spiritualiteit van start gaat, ligt mijn boekje ‘Geworteld leven. Christelijke spiritualiteit‘ in de christelijke boekhandels. Ik schreef het boekje op verzoek van Uitgeverij Kok, die samen met Boekencentrum en Jongbloed de thematiek van spiritualiteit ook graag bij een christelijk publiek op de kaart wil zetten. Theodoor Meedendorp, missionair opbouwwerker van de Stadshartkerk in Amstelveen reageerde hierop elders op de blog, maar ik haal zijn reactie graag even naar voren. In een volgende post zal ik er op reageren. Maar ik nodig ook jou graag uit om je gedachten hier met anderen te delen.
Hoewel ik het helemaal o.k. vind dat in het kader van de ‘Maand van de spiritualiteit’ er een boekje van jou uitkomt, vind ik het tegelijk jammer dat dit weer plaatsvindt in een apart circuit van christelijke uitgeverijen en christelijke boekhandels. Waarom niet aangehaakt bij de organisatoren van de ‘Maand van de spiritualiteit’. Wat je ook vindt van alles wat onder de noemer ’spiritualiteit’ op de markt wordt gebracht en aangeprezen wordt.
Op deze manier hebben we weer keurig twee (gesloten) circuits, twee cirkels, die elkaar meestal niet raken. Wordt het niet tijd om gewoon op de Areopagus mee te doen? Zoals bijvoorbeeld een Antoine Bodar die een gesprek heeft met de hoofdredacteur van Happinez in het blad ‘Health’ (van, jawel, verzekeringsmaatschappij Achmea).
En om het nog wat breder te trekken: jij pleit op je website voor ’spirituele gemeenteopbouw’. Mooi. En mee eens, als het om geestelijke vernieuwing gaat, waarbij Jezus centraal staat. Tegelijk geloof ik dat ‘spirituele gemeenteopbouw’ niet zonder ‘missionaire gemeenteopbouw’ kan, zoals ‘missionaire gemeenteopbouw’ absoluut ’spirituele gemeenteopbouw’ nodig heeft.
Mijns inziens heeft ‘spirituele gemeenteopbouw’ de marktplaats nodig, het gesprek met zoekers, andersdenkenden etc. om getest te worden op z’n relevantie, werkelijkheid, geaardheid in het volle leven, en om te voorkomen dat het toch ‘ik in mijn eigen mystieke hoekje’ of ‘ik in mijn eigen fijne christelijke boekhandel’ wordt. Nog te vaak kom ik veel christenen tegen die hun geestelijke en kerkelijke leven absoluut niet weten te verbinden met hun leven op school, werk, tijdens sport etc. En dan gaat het om meer dan ‘bid je op je werk voor het eten of niet’.
Postmoderne Devotie (3)
Wat bedoelen we eigenlijk als we het hebben over de Moderne Devotie? En wat is het dan wat we precies willen ‘hernemen’, maar dan in de 21e eeuwse context? Ik denk dat er globaal in elk geval al twee accenten aan te brengen zijn. Accent 1: vormgeven aan gemeenschappelijk leven. Accent 2: disciplineren van innerlijk leven.
Volgens mij zetten Otto de Bruijne en Paul Abspoel in bij het eerste accent. Otto de Bruijne zegt:
(…) een nieuwe soort Moderne Devotie (…) een nieuwe gemeenschappen (…) zoals de Sint Egidius gemeenschap in de katholieke kerk, waarbij mensen zich met elkaar verbinden op een voor mijn part soort leken-achtige orde contract, en met elkaar de fakkel dragen, niet meer een bobo-cultuur van een charismatische leider, die allemaal de dingen doet, maar een collectief dat zich wil geven aan een urbane of een regionale situatie (…)
En Paul Abspoel schrijft:
Wat staat mij voor ogen? Een Postmodern Devoot netwerk in de Lage Landen. Zoiets. Geen nieuwe strenge kloosterorde (vrees niet!) wel een gemeenschappelijke counter culture-levensstijl. (…) Samen met mensen uit verschillende plaatsen en kerken genieten van kunst, vriendschap en al het goede dat God ons geeft. Lachen, delen, praten, eten, drinken, denken. Elkaar bemoedigen en opbouwen in het gemeenschappelijk geloof! (…) In elk mens iets van Christus ontmoeten en actief op zoek gaan naar het leven en de overvloed die alleen onze Heer te bieden heeft. Geen leven als calculerende burger! Geen leven als volgevreten en toch nog onverzadigde consument! Nee, een devoot leven – optrekkend met gelijkgestemden – samen in het voetspoor van de Meester, dwars door ons lage land.
Jurjen van Houwelingen schrijft in een reactie op een vorige post op deze blog:
Postmoderne devotie. Ik doe mee als het verlangen is dat we met elkaar leren wat het betekent om de fluistering van de Eeuwige te horen in stilte en gebed. Als we opnieuw de geestelijke klassieke oefeningen herontdekken en de eeuwige waarde ervan herwaarderen.
Jurjen lijkt daarmee voor het tweede accent te kiezen, en daarin val ik hem graag bij. Want daar ligt ook mijn primaire interesse: hoe kunnen we vandaag, lerend van de Moderne Devotie (en uiteraard ook van andere klassieke en eigentijdse spirituele bewegingen), wegen vinden waarlangs geestelijke oefeningen en spirituele discipline weer echt de plaats krijgen die hun toekomt in een vitaal geloofsleven in de navolging van Jezus?
Het meest spannend wordt het als de twee accenten bij elkaar worden gebracht. Want wie alleen voor het eerste accent gaat (vormgeven aan gemeenschappelijk leven) kan gemakkelijk uitkomen bij niet meer dan een aansluiting bij een cultuur van intensief netwerken, maar dan christelijk en over kerkgrenzen heen. Prachtig, maar nauwelijks (specifiek) devoot te noemen. Wie alleen voor het tweede accent gaat (disciplineren van innerlijk leven) mist iets wat wezenlijk hoort bij de Moderne Devotie: het ‘gemeene leven’. Het kan dan al snel, heel eigentijds, ook leiden tot een individualistische verinnerlijking, maar dan christelijk.
Ik vermoed dat de spanning tussen de twee accenten alleen uitgehouden en gevierd kan worden vanuit de primaire focus van de Moderne Devotie: Jezus kennen en volgen. En dat we ons vervolgens verheugen in de ander die andere accenten aanbrengt dan jij. Zonder die ander gaat het ook niet.
Postmoderne Devotie (2)
Waar de eer voor het starten van een weblog over Postmoderne Devotie aan Paul Abspoel toekomt, moet dat als het om de uitdrukking gaat gebeuren aan Mink de Vries. Hij vertaalde de ‘Navolging’ van Thomas a Kempis in taal voor jongeren. En nu verschijnt er in november bij Uitgeverij Kok (prima uitgeverij overigens) een publicatie met de titel: ‘Navolging NU. Postmoderne devotie’
In de najaarsaanbieding van Uitgeverij Kok staat de volgende aankondiging:
Een verrassende kijk op het religieuze landschap anno 2009. De tijd is rijp voor een nieuwe variant van de Moderne Devotie. Dwars door de kerkorganisaties heen. In de geest van de eerste christenen.
Onze individualistische tijd vraagt om een herbezinning op het geloof. Christenen van alle gezindten, van reformatorisch tot Rooms-katholiek en van evangelicaal tot vrijzinnig-protestant, gaan op zoek naar de oerbronnen van het christendom en vinden elkaar rond De navolging van Christus. Navolging Nu beschrijft en ondersteunt deze ontwikkeling met gedachten over basisvrijheid, nieuwe vormen van spiritualiteit, de verhouding van de verschillende kerken tot navolging, en de brug naar de samenleving.
Ik ben buitengewoon benieuwd naar de inhoud van dit boek!
Intussen is het ook erg interessant om een kort, bondig en relevant antwoord te geven op de vraag: Wat zijn nu de kenmerkende elementen van de spiritualiteit van de Moderne Devotie die naar vandaag toe moeten worden vertaald en eigentijds en creatief moeten worden ‘hernomen’? Ik vond ergens deze typering van de Moderne Devotie:
…haar concentratie op Jezus Christus en haar ideaal om Hem na te volgen. Daartoe dient men dagelijks het evangelie te lezen en zich vertrouwd te maken met zijn doen en spreken, met zijn verhouding tot de Vader en de mensen, zijn omgaan met de bekoring en met het lijden. De menselijkheid van zijn bestaan vormt de door God gegeven toegang om het mysterie van zijn goddelijke Zoonschap te leren verstaan. Zich afvragen hoe Jezus gereageerd zou hebben op situaties waarin wij ons bevinden, zet ons op de christelijke weg van leven.
Lees ook wat het Titus Brandsma Instituut (Nijmegen) schrijft over het wetenschappelijk onderzoek dat daar al lange tijd plaats vindt naar de spirituele beweging van de Moderne Devotie: Onderzoek Moderne Devotie.
Postmoderne Devotie (1)
Paul Abspoel (van Arkmedia), verwoed blogger, is gisteren met een prachtig initiatief gestart: een weblog die geheel gewijd is aan Postmoderne Devotie. Wie een beetje thuis is in de wereld van de spiritualiteit en haar geschiedenis zal zonder veel moeite de toespeling herkennen die gemaakt wordt op de 15e eeuwse spirituele vernieuwingsbeweging van de Moderne Devotie, waaraan vooral de namen van Thomas a Kempis en Geert Grote verbonden zijn.
Wat er precies postmodern is aan de nieuwe spirituele verniewingsbeweging die Paul Abspoel voorstaat, zal nog helder moeten worden. Helder is wel dat het gaat om de vraag: Hoe kan de spiritualiteit van de 15e eeuwse Moderne Devotie in de context van de 21e eeuw opnieuw relevant en vruchtbaar gemaakt worden? Je zou ook kunnen zeggen: Hoe kunnen we de Moderne Devotie ‘hernemen’ in onze tijd? Die term ‘hernemen’ heb ik opgepikt bij de filosofe Ilse N. Bulhof die daar in haar boek ‘Van inoud naar houding’ een boeiend essay over schrijft met de titel ‘Speels variëren op oude thema’s: de kunst van het hernemen’. Dat spreekt me aan: ’speels’, ‘variëren’, ‘kunst’ – dat is zowel creatief als spiritueel. Postmoderne Devotie is daarom wat mij betreft de Nederlandse spirituele vernieuwingsbeweging in Nederland (‘het begon in Hoofddorp’) die op creatieve wijze het 21e eeuwse spirituele verlangen in de bedding van 15e eeuwse Moderne Devotie probeert te laten stromen. En voordat het allemaal erg serieus en diepzinnig wordt: laat het spel-element niet ontbreken. Het is ook gewoon leuk en speels om een spiritualiteit uit een vervlogen tijd opnieuw aan te boren in de hoop dat er dan iets onverwachts gebeurt.
Ik voel mezelf al langere tijd aangetrokken tot de Moderne Devotie en vind het meer dan intrigerend dat Paul daar nu een bedding voor aanlegt. Ik doe en denk graag mee. Lees alvast: Met een boekje in een hoekje? Ja! En bezoek ook www.josdouma.nl/retraite en klik daar op de link ‘moderne devotie >’.
Eenheid
Er is veel in beweging: christenen zoeken elkaar en vinden elkaar over kerkgrenzen heen. Het manifest Wij kiezen voor eenheid is daar een signaal van. Daar is een fraai filmpje bij gemaakt. Bekijk het eens:
Meedoen met de maand van de spiritualiteit
Nog een paar weken en dan begint de Maand van de Spiritualiteit. Dit jaar doet ook de christelijke boekhandel mee. Hieronder lees je het persbericht van Uitgeverij Kok over dit initiatief.
Maand van de Spiritualiteit nu ook in christelijke boekhandel
De Maand van de Spiritualiteit wordt in 2009 voor de derde keer georganiseerd. Voor het eerst ook met een Top 10 van christelijke boeken. De uitgeverijen Kok, Jongbloed en Boekencentrum namen hiertoe het initiatief. Het actieboekje is geschreven door Jos Douma met de titel Geworteld leven. De christelijke boekhandel reageert enthousiast.
Christelijk geloof en wortels van spiritualiteit
Spiritualiteit is in. Ondanks de toegenomen welvaart lijkt het alsof mensen ook een gemis ervaren in hun leven. Men is op zoek naar een betere balans in materieel en geestelijk welzijn. Een van de uitingsvormen hiervan is de Maand van de Spiritualiteit, die vanaf 2007 wordt georganiseerd.Spiritualiteit is een begrip geworden voor alles wat te maken heeft met ervaring, zelfontplooiing, bezieling, inspiratie en zingeving. Vaak op een religieuze manier, maar niet altijd. Het is daarom goed dat ook het christelijk geloof een eigen inbreng krijgt in de Maand van de Spiritualiteit. Douma, auteur van het christelijke actieboek Geworteld leven legt uit: ‘Op de ‘markt’ van spiritualiteit en zingeving kan de kerk een eigen ‘aanbod’ doen. (…) Christelijke spiritualiteit gaat over een levensstijl en een levenshouding die geworteld is in het evangelie van Christus. Dat evangelie gaat over bevrijding en verandering, over nieuwe ruimte om te leven, over liefde, vrede en vreugde. Allemaal thema’s die in de hedendaagse zoektocht naar zin, bezinning en bezieling zo’n grote rol spelen.’
Christelijke boekhandel
De eerste berichten uit de christelijke boekhandel zijn enthousiast. Deze week werden de eerste boekenpakketten en setjes actieboeken al flink besteld. Met deze boeken top 10 en actieboek kunnen zij op hun eigen manier de christelijke doelgroep bedienen.
Maand van de Spiritualiteit
De jaarlijkse Maand van de Spiritualiteit is een initiatief van Uitgeverij Ten Have, omroepvereniging KRO en dagblad Trouw. Ze willen aansluiten bij de groeiende behoefte aan zingeving en inspiratie die momenteel in de samenleving zichtbaar is. Aansluitend bij een jaarlijks nieuw te kiezen thema worden activiteiten georganiseerd, een boeken top 10 samengesteld en een verschijnt een actieboekje. In 2009 is het thema Wortel schieten.
De ziel aan zet
Mijn belangstelling voor het thema van de spiritualiteit verbreedt zich, mee naar aanleiding van een ontmoeting gisteren met Remmelt Meijer van Confido Coaching, ook naar wat Business Spiritualiteit wordt genoemd. Ik ben twee boeken uit die sfeer aan het lezen.
De eerste is van Paul de Blot S.J. die in Nederland deze thematiek op de kaart heeft gezet. Zijn boek ‘Business spiritualiteit’ is interessant om te lezen. Hij verbindt in zijn boek ziel en zakelijkheid met elkaar en doe dat op een boeiende en inspirerende manier. Daarbij put hij uit de Ignatiaanse spiritualiteit. Echter, dat doet hij zonder expliciet te spreken over Jezus. Alle nadruk valt op de ziel en de aandacht voor het innerlijk. Dat zijn zeker trekken die eigen zijn aan de Ignataamse spiritualiteit, maar Ignatius van Loyola heeft de naam van zijn orde toch niet geheel en al: Societas Jesu. Voor hem gaat het in alles om de onmtoeting met Jezus en gaat het erom dat heel het leven gericht is op de verheerlijking van God. Daar tref je, toch wel tot mijn verbazing, niets van aan bij Paul de Blot S.J.
Iets vergelijkbaars geldt overigens voor Wil Derkse met zijn boek ‘Een levensregel voor beginners’ dat ik al een tijd geleden las. Daarin wordt de Benedictijnse spiritualiteit gepopulariseerd voor mensen van vandaag. Dat levert prachtige gedachten en handreikingen voor een bezielde levensstijl op! Maar het is de vraag of je een spiritualiteit, de Benedictijnse in dit geval, zo los mag weken van de oorsponkelijke context en bedoeling: dat de volgelingen van deze spiritualiteit het leven met Christus leren te leven in gehoorzaamheid. Lees de eerste vijf zinnen uit de proloog van de Regel van Benedictus:
1 Luister, mijn zoon, naar de richtlijnen van uw meester, en neig het oor van uw hart: aanvaard gewillig de vermaningen van uw liefdevolle vader en breng ze metterdaad ten uitvoer,
2 om zo door de inspanning van uw gehoorzaamheid weer tot Hem terug te keren van wie u zich door de slapheid van de ongehoorzaamheid hebt verwijderd.
3 Tot u richten zich nu mijn woorden, wie u ook moogt zijn, die afstand doet van uw eigen wil om in dienst te treden van de ware Koning: Christus de Heer, en die daartoe de sterke en roemrijke wapenen van de gehoorzaamheid opneemt.
4 Allereerst: welk goed werk u ook onderneemt, vraag Hem in een volhardend gebed,
5 dat Hij het tot een goed einde brengt, opdat Hij, die ons nu reeds tot zijn zonen heeft willen rekenen in de toekomst nooit over ons slecht gedrag bedroefd behoeft te zijn.
De Regel van Benedictus heeft dus als centrale doel: de leerling laten terugkeren naar de Heer, naar de ware Koning, naar Christus. Is het typisch voor (het geseculariseerde) Nederland dat God en Jezus vrijwel volledig buiten beeld blijven als een Ignatiaanse en een Benedictijnse spiritualiteit naar vandaag toe worden vertaald?
Is een dergelijke vertaling naar vandaag toe wel integer en legitiem als deze is losgesneden van de oorspronkelijke christocentrische doelstelling?
Ik ben nog een tweede boek aan het lezen. Het is van Margaret Benefiel. Er verscheen dit jaar een vertaling van haar ‘ The Soul of A Leader’: ‘De ziel aan zet. Spiritueel leiderschap in de praktijk.’ De eerste twee delen (‘ Het pad kiezen’ en ‘ Op de goede weg blijven’) zijn wel boeiend: wat pragmatisch en vol praktijkverhalen, maar ook met zeer expliciete referenties aan het christlijk geloof, aan God en aan de rol van bidden. Het derde deel vond ik echter zeer verrassend. Benefiel waagt het hier om het ontwikkelingsproces van zowel leiders als organisaties te belichten vanuit het klassieke spirituele drievoudige pad: zuivering, verlichting, vereniging. Daarbij besteedt ze ook aandacht aan ‘de donkere nacht van de ziel’ die zich ook aandient als leiders en als organisaties zich ontwikkelen. Ze breekt een lans voor het zoeken van spirituele raad door leiders die bezield leiding willen geven, omdat geestelijke begeleiders weten hoe spirituele processen eruit zien:
Leiders, en zeker zij die willen volhouden tot het einde toe, hebben spirituele steun nodig. Talloze leiders redden het niet omdat ze geen hulptroepen hebben om hen te helpen in contact te blijven met hun ziel. Spirituele begeleiding geeft, ongeacht de precieze vorm, een onbetaalbare steun aan de leider die vanuit bezieling wil leiden (blz. 175).
12 uren met Jezus
Hij is er! Het retraiteboek dat ik al lang wilde schrijven en dat ik in de zomer afrondde. Een uurtje geleden ging de bel en werd er een doos met 15 exemplaren afgeleverd. Het is een prachtig boekje geworden: klein van formaat. ligt lekker in de hand, een prachtig omslag, hard kaft en met een fraai rood leeslint! De uitgever (Kok, Kampen) heeft er ook erg z’n best op gedaan en het reslutaat mag er zijn.
Het is mijn hoop dat dit boekje in veel handen zal komen, en vooral dat velen zich uitgenodigd voelen om retraitemomenten in hun leven in te bouwen, op zoek naar de ontmoeting met Jezus. In het voorwoord heb ik ook iets geschreven over geestelijke strijd die het zoeken van de ontmoeting (en het schrijven van een boek daarover) met zich meebrengt:
Elke geestelijke oefening is omgeven door een hunkeren naar de Heer en tegelijk een je voor hem willen verschuilen. We worden aangetrokken tot een leven met Jezus en het schrikt ons tegelijk ook steeds weer af. We willen graag en durven toch ook weer niet. We voelen ons open en toch ook gesloten. Er is een vlammend verlangen en tegelijk een verlammende verlegenheid. Het is precies binnen die dubbelheid dat we leren bidden, leren Bijbellezen, leren mediteren of leren stil zijn. Leren leven met de Heer is een proces van geestelijke groei, en die groei gaat altijd gepaard met geestelijke strijd.
Ik hoop dat de inhoudsopgave ook een uitnodiging is om snel op zoek te gaan naar dit boek… Lees meer »
Slow bidden met het Onze Vader
In het oktobernummer van CV-Koers stond een interessant artikel over slow slife: ‘Wordt traag de trend’? Dat thema ging bij mij meteen een verbinding aan met de preken die ik aan het voorbereiden ben over het Onze Vader. Graag wil het gebed dat Jezus ons heeft geleerd herontdekken en aanreiken als een gebed dat we niet zozeer moeten hanteren als een formuliergebed maar als een gebedspatroon of gebedsmodel. Alleen zijn die begrippen me wat te technisch van kleur. Daarom wil ik een pleidooi voeren voor het Onze Vader als gebedsruimte. Ik heb daar ook een plaatje bij gemaakt dat je hiernaast ziet staan.
Ik denk dat we het Onze Vader ook weer terug moeten brengen naar onze binnenkamer. Veelal is nu juist het Onze Vader tot een gezamenlijk gesproken of gezongen gebed geworden, terwijl Jezus het oorspronkelijk aanreikte net nadat hij gezegd heeft: ‘Maar als jullie bidden, trek je dan in je huis terug, sluit de deur en bid tot je Vader, die in het verborgene is’ (Matteüs 6:6). Ook is het belangrijk dat we ons (opnieuw) realiseren dat het Onze Vader bij uitstek een koninkrijksgebed is! Jezus biedt het aan in de context van de bergrede waarin hij het leven in het koninkrijk uittekent. Wie wil groeien in het koninkrijk, wie het koninkrijk van God wil herontdekken als de kern van christelijk geloof en leven, doet er goed aan te starten bij het bidden met het Onze Vader.
Ik zie dat gebed dus als een gebedsruimte waarin we leren ons tempo te vertragen om te komen tot slow prayer: Jezus leidt ons binnen in vier verschillende ruimtes waarin de woorden die hij ons als gebedswoorden geeft tot klinken komen. Het is nodig om steeds enige tijd in de achtereenvolgende ruimtes te verkeren en de echo’s van de woorden op te vangen: echo’s vanuit het geheel van de Bijbel en echo’s vanuit ons eigen leven.
Les meer in de preeksamenvatting van de preek die ik zondag 4 oktober hoop te houden.
-
Archief
- november 2009 (1)
- oktober 2009 (9)
- september 2009 (4)
- augustus 2009 (6)
- juli 2009 (5)
- juni 2009 (11)
- mei 2009 (15)
- april 2009 (28)
- maart 2009 (6)
-
Categorieën
-
RSS
Berichten RSS
RSS met reacties
Op deze weblog (de oude blog vind je hier: